Good practice - preventieve ondersteuning

‘Het belangrijkste is dat kinderen kunnen spelen, er even uit kunnen zijn. Dat wordt door woonbegeleiders, locatiemanagers en ouders als meerwaarde gezien. Ze zijn echt aan het spelen. Dat is de kracht van de kindvriendelijke ruimte: ze zijn kind.’

UNICEF helpt opvanglocaties met het opzetten van kindvriendelijke ruimtes

Meer dan een derde van de vluchtelingen uit Oekraïne is onder de achttien. Gevluchte kinderen hebben meer kans op trauma, depressie of angstproblematiek en onderzoek laat zien dat veel van hen met psychosociale klachten kampen. Ouders ervaren zelf veel stress en het lukt niet altijd om veiligheid te bieden terwijl dit belangrijk is voor het welzijn van het kind. Tegelijkertijd zien kinderen dat hun ouders verdrietig of wanhopig zijn. Zo raakt het evenwicht in een heel gezin verstoord.

Het is daarom belangrijk om kinderen een veilige speelplek te bieden waar ze kunnen spelen. Om deze reden heeft Humanitas op verzoek van de gemeente Den Bosch de hulp ingeschakeld van UNICEF Nederland. UNICEF helpt opvanglocaties met het inrichten van een veilige speelplek binnen de opvang voor kinderen van vier tot en met twaalf jaar. In de kindvriendelijke ruimte kunnen de kinderen spelen met een gestructureerd aanbod van speelmateriaal onder begeleiding van getrainde vrijwilligers. Deze vrijwilligers zorgen voor rust en regelmaat wat in het belang is van het psychosociaal welzijn van het kind. Hier krijgen kinderen de kans om even los te zijn van de zorgen van hun ouders en weer even kind te zijn.

Lessen voor de opvang:

  1. Maak ruimte vrij voor kinderen waar ze onder begeleiding kunnen spelen;
  2. Laat je adviseren door een organisatie met ervaring met het ondersteunen en begeleiden van kinderen;  
  3. Zorg voor continuïteit in de bezetting van de begeleiding van de kinderruimte.

‘Een kinderruimte op locaties waar de bewoners zelfstandig wonen om op die manier toch een oogje in het zeil te houden, hoe het met de kinderen gaat.’

Kindvriendelijke ruimte is de letterlijke vertaling van Child Friendly Space, een concept dat wereldwijd in vluchtelingensituaties wordt aangeboden aan kinderen om even helemaal kind te kunnen zijn. Meer dan twee jaar geleden is UNICEF in Nederland begonnen met het ondersteunen van locaties om kinderruimtes op te zetten. De eerste ruimte was in Gorinchem in een noodopvang voor asielzoekers. Toen de oorlog in Oekraïne uitbrak, is besloten de ondersteuning ook aan gemeentelijke opvanglocaties voor Oekraïners aan te bieden. In het begin was er nog weinig behoefte aan deze ruimtes. De focus van de gemeentes lag op het op orde krijgen van de basisvoorzieningen.

Nicoline Mascini is projectleider kindvriendelijke opvang bij UNICEF: ‘Het was voor gemeentes nieuw om noodopvang te bieden. Nadat de basisvoorziening op orde was en bleek dat de oorlog veel langer zou gaan duren, kwam de omslag van kwantiteit naar kwaliteit. Veel locaties kregen toen wel oog voor kinderactiviteiten en specifiek een kindvriendelijke ruimte. We kregen ook vragen van locaties waar wel een hoek van de recreatieruimte werd aangeboden als speelhoek voor kinderen, maar waar alles kapotgemaakt werd, het speelgoed werd meegenomen of als puinhoop werd achtergelaten. Inmiddels is bewezen dat begeleid spelen wél werkt. Daarnaast willen sommige gemeentes graag een kinderruimte op locaties waar de bewoners zelfstandig wonen om op die manier toch een oogje in het zeil te houden, hoe het met de kinderen gaat.’

‘Continuïteit van de begeleiders is een belangrijke pijler onder het succes om de kinderen echt rust en veiligheid te bieden.’

Op verzoek van een locatie of gemeente komt een medewerker van UNICEF langs. Deze geeft advies over de inrichting van de ruimte. Als een locatie enthousiast is, dan is het aan de locatie om begeleiders te vinden, dit kunnen medewerkers van de locatie zijn maar meestal zijn het vrijwilligers van een betrokken welzijns- of vrijwilligersorganisatie. UNICEF heeft een voorbeeldprofiel ter ondersteuning van de werving. Daarin staat onder andere dat iemand minimaal één keer in de twee weken beschikbaar dient te zijn en zich bewust is dat het niet vrijblijvend is. Nicoline legt uit: ‘Continuïteit van de sessies in de kindvriendelijke ruimte en continuïteit van de begeleiders zijn belangrijke pijlers onder het succes om de kinderen echt rust en veiligheid te bieden, waardoor de kinderen graag komen spelen.’

Nadat voldoende begeleiders zijn gevonden biedt UNICEF een training op locatie aan van ongeveer twee uur. Zo krijgen de (vrijwillige) begeleiders de juiste handvatten om de kinderen op een goede manier te kunnen begeleiden. Tijdens de training besteedt UNICEF aandacht aan de veiligheid van het kind en het bieden van structuur. Verder is er aandacht voor cultuursensitief werken. Ook leren de deelnemers hoe ze om kunnen gaan met misdragingen van het kind en hoe ze opmerkelijk gedrag kunnen signaleren.

‘Dat is de kracht van de kindvriendelijke ruimte: ze zijn kind.’

Irma van Winkel werkt bij Humanitas en is als coördinator vrijwilligerswerk verantwoordelijk voor vijf kindvriendelijke ruimtes in Den Bosch. Ze is positief over de ruimtes: ‘Veel Oekraïense kinderen krijgen les op een Nederlandse school en daarnaast volgen ze Oekraïense les. In de kindvriendelijke ruimtes is er geen druk. Niks moet. Je hoeft geen taal te doen, geen opdrachtjes. Hier zijn de kinderen vrij. Even niemand die aan je trekt. Het belangrijkste is dat kinderen kunnen spelen, er even uit kunnen zijn. Dat wordt door woonbegeleiders, locatiemanagers en ouders als meerwaarde gezien. Ze zijn echt aan het spelen. Dat is de kracht van de kindvriendelijke ruimte: ze zijn kind.’

De ruimtes in Den Bosch zijn ingericht naar de principes van UNICEF. Zo hebben de ruimtes een knutselhoek, een ‘thuishoek’ met poppenspullen en een keukentje en een relaxhoek met een bank waar kinderen een boekje kunnen lezen. Ook is een aparte hoek voor Lego en auto’s. De opvang organiseert activiteiten onder begeleiding van vrijwilligers. Zij hebben een signalerende rol. Als zij zien dat kinderen zich terugtrekken, of meer ruzie maken, dan melden ze dat bij de coördinator of woonbegeleiding. Die gaat dan in gesprek met de ouders om te kijken of ze het kind verder kunnen helpen.

‘We benaderen gezinnen en vertellen over de ruimte, en leggen uit dat de ouders zo wat tijd voor zichzelf kunnen nemen.’

Activiteiten die men in de ruimte organiseert zijn bijvoorbeeld knutselactiviteiten of cakejes bakken met Kerst. Volgens Irma is het belangrijk om ouders te betrekken: ‘Als er activiteiten worden georganiseerd communiceren we dit via de woonbegeleiding ook naar de ouders zelf. Het gaat om de persoonlijke benadering. We zijn zo geneigd alles via chat, app of mail te doen. Waar het kan benaderen we gezinnen en vertellen we over de ruimte en leggen we uit dat de ouders zo wat tijd voor zichzelf kunnen nemen. Soms komen ouders juist even mee. Via Google Translate hebben we dan gesprekjes over een kind. We hoorden ook van woonbegeleidsters dat ouders willen helpen. Sommigen denken: ik heb met mijn gezin de keuze gemaakt om in Nederland te blijven, we gaan meer integreren en willen meedraaien in de kindvriendelijke ruimte. Dus we kijken ook naar mogelijkheden om ook ouders te laten meedraaien als vrijwilliger.’

Inmiddels zijn er al zestig opvanglocaties in het land met een kindvriendelijke ruimte. Buitenschoolse opvang is voor veel mensen financieel niet mogelijk. Door met getrainde vrijwilligers te werken biedt de kindvriendelijke de mogelijkheid om kinderen onder begeleiding te laten spelen.

UNICEF

Wil je tips over het organiseren van een kindvriendelijke ruimte? UNICEF biedt gratis advies en ondersteuning. Voor meer advies kan je mailen naar noodopvang@unicef.nl.